Zeg Jort

‘Zeg Jort, zou jij niet een utilistisch ballonnetje voor me kunnen oplaten in de media? Bij OP1 bijvoorbeeld. Die Ira Helsloot werd afgeserveerd, kreeg de gelegenheid gewoon niet.’

‘Als ik daarbij kan helpen Mark, is prima. Ik bel de redactie wel even. En als het ballonnetje knapt?’

‘Maak je geen illusies, dat doet die zeker, en dan ga ik het over een valse tegenstelling hebben. Sta jij in de kou. Maar we moeten de geesten laten rijpen.’

‘Ben ik gewend van je Mark! Je kunt op me rekenen’.

Het zou zomaar een telefoongesprek tussen Mark Rutte en vriend Jort Kelder geweest kunnen zijn. Rutte, hoog te paard in zijn strijd tegen het Corona virus. Jort, als een Sancho Pancha, in zijn schaduw. Rutte stond voor een duivels dilemma. Nederlanders verwachtten een kantiaanse redenatie: we moeten elk afzonderlijk leven respecteren en alles doen om dat te redden. Onze maatschappij is gebouwd is op de sociaalliberale traditie, waar individualisme, gelijkheid en solidariteit centraal staan. Maar hoe lang zouden we dit isolement volhouden? Wanneer zou Rutte zijn teugels laten vieren en zijn oren laten hangen naar de utilisten. Zij, die zeggen: weegt het leed van duizenden slachtoffers wel op tegen het potentiële verlies aan levensgeluk van miljoenen anderen? Hij mocht het denken, maar niet zomaar zeggen. Toen nog niet. De geesten moesten eerst rijpen.

De manier waarop onze leiders communiceren is bij uitstek bepaald door cultuur. De Franse President Emmanuel Macron en onze Mark Rutte spraken half maart hun volk toe. Historische toespraken waren het. Rutte deed ons beseffen dat ‘de realiteit is, dat het coronavirus onder ons is en voorlopig ook onder ons zal blijven.’ Macron gebruikte grotere woorden: ‘We zijn in oorlog,’ een retoriek dat hij herhaaldelijk gebruikte toen hij een nationale lockdown aankondigde. ‘Alle overtredingen worden bestraft,’ voegde Macron streng toe. Rutte daarentegen vroeg om verstand en solidariteit. ‘We moeten dit echt met 17 miljoen mensen doen…Let een beetje op elkaar.’ Niet veel later kondigde hij de intelligente lock-down en social distancing aan. De straten in zowel Parijs als Amsterdam waren nagenoeg leeg.

De Fransen en de Nederlanders gaan anders om met autoriteit en onzekerheid. Nederlanders communiceren op een andere manier dan bijna alle andere volken in de wereld. Verschillen in cultuur leiden tot verschillen in communicatiestijl, zeker bij crises. Hoe werkt dat dan met de cultuur? Stel je eens voor dat Texel de enige plek in Nederland is die nog virusvrij is. Toeristen uit de hele wereld zitten nog op het eiland. Ze halen de pont uit de vaart op en sluiten de poorten. Ze zijn volledig op zichzelf aangewezen. De bewoners komen bij elkaar en iedereen mag iets zeggen over hoe ze de nieuwe realiteit willen inrichten. Al snel gaat het over leiderschap, regels, handhaving, besluitvorming, de zwakkeren en de sterksten. Met nieuwe eilanders uit onder meer Nederland, India, China, de Verenigde Staten, Spanje, Zweden en Rusland wordt het geen gemakkelijke discussie. Maken we een pot, of krijg je wat je kunt betalen? Zoeken we consensus of bepaalt de baas? Hebben we regels nodig en hoe worden die dan gehandhaafd? Er blijkt fundamenteel verschil in inzicht te bestaan in zaken als autoriteit, individualisme, solidariteit, onzekerheid en lange termijn denken. Niet omdat de nieuwkomers het van huis uit zo gewend zijn, maar omdat ze anders zijn opgevoed; het gaat over hun normen en waarden. Het zijn de sociale dilemma’s die opgelost moeten worden om tot een stabiele samenleving te komen. Bij een acute crisis als we doormaakten zie je dat beter dan ooit, in de maatregelen en in de retoriek.

Macron die een Gaullistische toon aansloeg en de centrale macht van de Staat inzet. Rutte en zijn Zweedse collega die appelleren aan de solidariteit. Trump die eerst het China virus wegwuift en zich leek te verheugen op zijn grote succes door straks niet de door hem aangekondigde 100 tot 240 duizend doden te betreuren, maar slechts een miraculeuze 50 of 70 duizend. Inmiddels komt hij bedrogen uit. Hij strompelt van de ene naar de andere blunder, net als zijn maat Boris Johnson. Maar in een cultuur waar de zero-sum norm leidend is kan de oorzaak van iedere flater met gemak de tegenstander aangewreven worden. De Chinezen, de WHO, CNN en natuurlijk de Democraten kregen er al van langs. Aan de oevers van de Rijn waren we getuige van de wederopstanding van Merkel, die zelfs vanuit quarantaine, indruk maakte met een ingehouden en op feiten gebaseerd pleidooi voor naastenliefde en zorg voor elkaar.

Wij zijn ondertussen nog steeds trots op Rutte. Staatsman inmiddels, maar toch een van ons. Hij zette de hamsteraars op hun nummer en verzekerde dat we genoeg wc-papier hebben om 10 jaar te poepen. Een variant op Koning, Keizer Admiraal, wc-papier gebruiken we allemaal. En zo werden niet alleen de hamsteraars, maar ook Jort afgeserveerd door zijn vriend Mark, die zich bijna daags na diens optreden fel verzet tegen wat hij de ‘schijntegenstelling’ tussen economie en gezondheid noemt. ‘Die is er niet’. Rutte, zuchtte en worstelde, bleef verschoond van hoon, maar de geest was uit de fles. Dat is het proces dat nodig is bij Nederland. Niet de President bepaalt, maar wij bepalen, althans we willen graag denken dat we hebben kunnen meedenken. Rutte zorgde ondertussen zelfs voor volksvermaak. We mochten allemaal live meekijken hoe aanbieders van een corona-app als gladiatoren in een arena verscheurd werden door de leeuwen van de epidemiologie, gezondheidszorg, privacy, informatiebeveiliging en ict. Damnatio ad bestia. Toch wat van dat Romeinse in ons. Want hoe moest het verder, allereerst na 11 mei?

Het was de tijd om te realiseren waar we stonden en waar we willen zijn; wat werkelijk belangrijk is in ons leven en vooral dat van onze kinderen. Mijn dochter, aankomend schrijver en kritisch denker vroeg voor een artikel dat ze mocht schrijven: ‘Pap, wat is nu eigenlijk zo’n brievenbusfirma écht?’ Ik legde het uit en bevestigde wat ze al vreesde. Ze was verontwaardigd: ‘En dat vinden wij goed? Terwijl er niet genoeg onderwijzers, ic-bedden of mondkapjes waren?’ Ik dacht aan de mensen die deze firma’s bedenken, goedkeuren, faciliteren of hebben. Wat is de zin ervan? Waar is het geld gebleven? Is gewoon rijk al niet rijk genoeg?

Het was misschien een detail, maar in Nederland zagen we de afgelopen decennia een opmars van het neoliberalisme, een meer cynische kijk op het leven. Er waren zoveel vragen die we onszelf en onze omgeving, in dat bijzondere isolement dat we ondergingen, moesten stellen. Deze universele crisis heeft weeffouten in onze moderne samenleving blootgelegd. Het gaat nu niet alleen over het financiële systeem, over migratie, racisme of stikstof. Het gaat over hoe we samen willen voortleven. We kregen de kans om weer te worden wat het beste bij ons, bij Nederland, past.

De lockdown lijkt alweer lang geleden. De drukte neemt toe, we plannen weer en gaan van hot naar haar. De waan van de dag lijkt het virus meegevoerd te hebben. Althans voor diegenen die gezond zijn gebleven. Laat die waan deze nieuwe Rutte niet meevoeren want misschien neemt hij ons wel mee in een nieuwe richting. Een richting die veel beter bij ons past. Rutte voelde haarfijn aan wat we wilden horen en wist wat we moesten horen. We waren er klaar voor om tot onze zinnen te komen. Dat is wat wilde horen en wat we nog steeds moeten horen.

Online trainingen interculturele communicatie vind je hier.

 

 

 

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmailFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail